Brandadvies, adviseert, installeert, onderhoud en certificeert uw :

Brandmeldinstallatie & ontruimingsinstallatie

Brandmeldcentrale

Brandmeldcentrale

Een brandmeldcentrale of een branddetectie systeem (een synoniem) is een wezenlijk onderdeel van de brandbeveiliging preventie.

Anders dan bouwkundige brandpreventie, die zich vooral bezig houd met het voorkomen van voortplanting van de brand, is een brandmeldinstallatie (nog een synoniem) erop gericht anderen te laten weten dat er een brand aanwezig is.

Een brand is nooit 100% te voorkomen. Zeker niet als u bedenkt dat de meeste branden worden veroorzaakt door kortsluiting en brandstichting. Veel ondernemers zien de noodzaak nog niet van branddetectie. Wel is het de normaalste zaak dat er brandblussers en brandhaspels in het bedrijf aanwezig zijn. Maar kortsluiting en brandstichting gebeurt ook buiten kantooruren en wie meldt u dan de brand? Juist een goed branddetectiesysteem.

60% van de bedrijven gaat failliet door een grote brand, terwijl bijna iedereen denkt dat hij zijn zaakjes goed geregeld heeft. Helaas stelt de brandbeveiliging in de meeste bedrijven niet meer voor dan het hebben van blusmiddelen en een stukje informatie brandbeveiliging in de vorm van een brandkluis.

Uw bedrijf binnen één uur weg? Laat u niet verrassen voorkom dat al uw geïnvesteerde tijd, energie, ideeën en kapitaal niet verbranden of nog erger dat uw goed verzorgde pensioen in vlammen opgaat. Brandadvies verkoopt en verhuurt Brandadvies branddetectiesystemen bijna altijd uitgebreid met een brandmeldcentrale (u wilt immers dat iedereen het pand veilig kan verlaten).

Brandadvies , levert betaalbare brandmeldsystemen. Bescherm uw vermogen en maak een afspraak!

 


De brandmeldcentrale (technisch bekeken)

In de conventionele centrales bestaat de hardware vooral uit relaisschakelingen. Tegenwoordig zijn de centrales vaak elektronisch en zijn er microproccessoren die alle informatie verwerken en de sturingen uitvoeren. Er heeft bij enkele functies als het ware een vertaling plaatsgevonden van hardware naar software.
Dit heeft een aantal voordelen:

Hierdoor wordt een installatie met een redelijke omvang goedkoper. Voor kleiner installaties blijken de conventionele centrales vaak nog goedkoper uit te pakken.

Nog een voordeel van de microprocessor is dat het veel meer informatie kan leveren. Hierbij moet u denken aan informatie over de werking van componenten en gedetailleerde storingsinformatie. De software kan worden verdeelt in twee groepen:

Door de toepassing van een brandmeldcentrale welke meer gebruikmaakt van software wordt het nodig dat er ook op diverse niveau’s ingegrepen moet kunnen worden. Daarvoor zijn er een aantal toegangsniveau’s vastgelegd:

Niveau 1; het niveau waarbij elke aanwezige persoon de functies van de brandmeldcentrale kan beïnvloeden of schakelen. Bijvoorbeeld het afstellen van de zoemer bij een storing of een alarm.

Niveau 2; Dit is het niveau voor de gebruiker welke een speciale opleiding heeft gehad voor de brandmeldcentrale, de OP. OP staat voor Opgeleid Persoon. De Op kan/moet bijvoorbeeld groepen kunnen uitschakelen bij werkzaamheden die ongewenst alarm kunnen veroorzaken;

Niveau 3; Is het niveau voor de onderhoudsdeskundige. Deze kan bijvoorbeeld de tijdsinstellingen van schakelklokken aanpassen of instellen. Let wel de onderhoudsdeskundige dient gediplomeerd en werkzaam bij een gecertificeerd bedrijf te zijn.

Niveau 4; is voor de vertegenwoordiger van de leverancier. Deze kan de wezenlijke functies van het systeem beïnvloeden dan wel afstellen. Op het moment dat dit gebeurd dient er een functionele test van het gehele brandmeldsysteem te worden uitgevoerd.

Om er zeker van te zijn de dat de betrouwbaarheid van de installatie aan de basiseisen voldoet dient in ieder geval de systeemsoftware altijd gescheiden te zijn van de applicatiesoftware. Bovendien mag er bij een volledige spanningsuitval geen software verloren gaan. Dit kan gedaan worden door de software op te slaan in ROM-geheugen (of EPROM,EEPROM). Indien de software is ondergebracht in RAM geheugen dient er hiervoor een speciale spanningsbron te zijn. Dit kan een kleine accu of een knoopcel zijn op  een printplaat.

 

Brandstichting is één van de meest voorkomende redenen van brand. Het waarom is vaak onduidelijk. Stelt u zich eens voor dat dit uw bedrijf was geweest. Hoe had u morgen dan uw omzet gemaakt?


FC10-08 SIEMENS

Brandmeldcentrale

 

Centrale. De FC10-08 is een conventionele branddetectiecentrale met uitstekende ei-genschappen en beschikt over alle functies die nodig zijn om middelgrote installaties op een efficiënte manier te bouwen.

Detectie gegarandeerd. De FC10-08 biedt de mogelijkheid van combinatiezones
(“cross zone” detectie) om valse alarmen in moeilijke omgevingen te voorkomen en ondersteunt verschillende alarmmogelijkheden als “direct alarm” bij handdrukmelders of “voor alarm” (alarm organisatie voor detectorzones).

Betrouwbare alarmindicatie. Een alarm of storing wordt duidelijk weergegeven via LED zodat de plaats van de gebeurtenis direct kan worden afgelezen op de bijbeho-rende tekstregel.

Eenvoudige programmering en bediening. Alle programmeerbare functies zijn standaard ingesteld volgens de meest gebruikte opties. Geen enkele software is hierbij nodig. De centrale beschikt hierbij over meerdere testfuncties.

  De centrale is voorzien van twee bewaakte alarmgeveruitgangen.
  De programmering is eenvoudig te realiseren en te controleren middels de toetsen

  en de led's op de centrale. Programmering via een pc/laptop is niet mogelijk.

  Specificaties:

  - VdS-nummer : G204012
  - Conform Europese norm : EN54-2 & 4
  - Aantal meldergroepen : 8
  - Voedingsuitgang : 24 Vdc / 500 mA
  - Bewaakte alarmgever uitgangen : 2 x 24 Vdc / 500 mA
  - Potentiaalvrije contacten : 2 x 30 Vdc / 1 A (alarmrelais en storingsrelais)
  - Stuuringangen : 6 (+ -gestuurd)
  - Stuuruitgangen : 6 + 1 per zone (open collector, 24 Vdc / 40 mA)
  - Alarmteller/geheugen : optioneel
  - Netspanning : 230 Vac +10% / -15%
  - Bedrijfsspanning : 21 - 28 Vdc
  - Vermogen : 25 - 45 VA
  - Ruststroom : 130 mA
  - Alarmstroom (1 zone in alarm) : + 30 mA (zonder extra sturingen)
  - Accucapaciteit : 2 x 12 Ah
  - Beschermingsgraad : IP40
  - Bedrijfstemperatuur : 0 - 50 °C
  - Afmetingen kast : 378 x 505 x 125 mm (h x b x d)
  - Ruimte voor accu's : 2 x 12 Ah
  - Ruimte voor stuurrelais : 6 x art. 86093, 15 x art. 86094
  - Materiaal kast : metalen frame, plastic front
  - Kleur metalen frame : aluminium wit RAL9006
  - Kleur plastic front : wit RAL9003

Gecertificeerde Brandmeldcentrale

Gecertificeerde brandmeldcentrales dienen te voldoen aan de Regeling Brandmeldinstallaties.

De Regeling Brandmeldinstallaties is een kwaliteitszorg- en certificatiesysteem, samengesteld door en voor alle bij brandbeveiliging betrokken marktpartijen. Het beheer van de regeling en de met name genoemde kwaliteitszorg is opgedragen aan het Nationaal Centrum voor Preventie (NCP). Het NCP is als zodanig de certificatie-instelling voor de “Regeling Brandmeldinstallaties”.

De brandmeldcentrales betreffen autonome brandmeldcentrales, al dan niet voor de aansturing van blusinstallaties of andere brandpreventiemaatregelen. Betrokken partijen zijn onder meer: de principaal (eigenaar / gebruiker), de overheid, de verzekeringsbranche en de beveiligingsbranche.

Deze Regeling Brandmeldinstallaties is in samenwerking met de navolgende bedrijven (in alfabetische volgorde) totstandgekomen:

Het doel van de Regeling Brandmeldinstallaties is om in Nederland een bepaald kwaliteitsniveau voor brandmeldcentrales vast te leggen en te verkrijgen. Dit kwaliteitsniveau geldt enerzijds voor geleverd werk, anderzijds betreft dit kwaliteitscriteria voor de erkenning van bedrijven en personen die betrokken zijn in het proces om te komen tot een brandmeldcentrale. Deze regeling geeft aan, wat van de brandmeldcentrale en van de diverse (markt-)partijen wordt verwacht en hoe handhaving en controle plaatsvindt.

Naast dit voorwoord bestaat de regeling uit een deel 1 “Onderwerp en toepassingsgebied”.

In het deel 1, “Onderwerp en Toepassingsgebied”, worden de kaders van de certificeringregeling aangegeven. Tevens is invulling gegeven aan het gehele totstandkomingsproces; hoe te komen tot een gecertificeerde brandmeldcentrale.

In tekst en matrix zijn de verschillende verantwoordelijkheden en bevoegdheden aangegeven voor de betrokken marktpartijen.

Daar waar in de regeling gesproken wordt van installaties betreft dit gecertificeerde brandmeldcentrales in het kader van deze regeling.

Deel 1, “Onderwerp en Toepassingsgebied”,

worden de kaders van de certificeringregeling aangegeven. Tevens is invulling gegeven aan het gehele totstandkomingsproces; hoe te komen tot een gecertificeerde brandmeldcentrale.

In tekst en matrix zijn de verschillende verantwoordelijkheden en bevoegdheden aangegeven voor de betrokken marktpartijen.

Daar waar in de regeling gesproken wordt van installaties betreft dit gecertificeerde ontruimingssystemen in het kader van deze regeling.

Onderwerp en Toepassingsgebied

De Regeling Brandmeldcentrales bevat de criteria die een bepaald kwaliteitsniveau vastleggen voor ontruimingssystemen. De ontruimingssystemen betreffen autonome ontruimingssystemen, al dan niet voor de aansturing van blusinstallaties of andere brandpreventievoorzieningen. Op basis van deze regeling worden bedrijven erkend die bij de totstandkoming van een brandmeldcentrale zijn betrokken. Deze erkenning van bedrijven staat garant voor een vastgelegd kwaliteitsniveau, volgens deze regeling. Dit geldt zowel voor de bedrijfsvoeringen als ook voor de aanwezige vakkennis binnen het betreffende bedrijf. Als bewijs van erkenning ontvangt het erkende bedrijf van het Nationaal Centrum voor Preventie een bedrijfscertificaat. In artikel 1.1 wordt aangeven wat de relatie is tussen deze certificeringregeling en wettelijk en normatief kader. In artikel 1.2 is het proces van activiteiten (vanaf het formuleren van de eisen/wensen tot en met het beheren en onderhouden van de installatie) vastgelegd om te komen tot een gecertificeerde brandmeldcentrale.

1.1 Relatie tussen de regeling en wettelijk alsmede normatief kader

De regeling hanteert in principe algemeen erkende normen, voorschriften, richtlijnen, regelingen en besluiten op het gebied van brandvoorschriften (zie bijlage B). De regeling beschrijft hoe het proces in praktische zin moet verlopen om te komen tot een gecertificeerde brandmeldcentrale en geeft aan welk wettelijk alsmede normatief kader hiervoor moeten worden gehanteerd. Waar nodig zijn aanvullende eisen als criteria in deze regeling opgenomen.

1.1.1 Relatie tussen brandbeveiligingssystemen

Indien de brandmeldcentrale op enigerlei wijze nodig is voor het functioneren van een ander brandbeveiligingssysteem verdient het aanbeveling deze systemen eveneens te certificeren.

1.2 Totstandkomingsproces en activiteiten

In figuur 1.1 wordt schematisch het proces aangegeven om te komen tot een gecertificeerde brandmeldcentrale. Iedere activiteit uit dit proces levert een aantoonbaar resultaat. Voor al deze activiteiten worden eisen gesteld aan de bedrijven of het bedrijf, de vakbekwaamheid en het resultaat met het bijbehorende kwaliteitsdocument.De criteria zijn opgenomen in deel 3 Criteria.

Met name de kwaliteitsdocumenten van de diverse activiteiten moeten eenduidig en traceerbaar zijn.

Voor het certificeren van een brandmeldcentrale moet het totstandkomingsproces van de brandmeldcentrale voldoen aan de Regeling Brandmeldinstallaties. In de volgende artikelen zal het totstandkomingproces met alle activiteiten en mogelijke partijen alsmede verantwoordelijkheden, bevoegdheden en benodigde kwaliteitsdocumenten worden beschreven.

1.2.1 Verantwoordelijkheden en bevoegdheden

De verantwoordelijkheden en van de diverse partijen zijn weergegeven in tabel 1.1. Als activiteiten worden uitbesteed dan moet de “derde” partij volledig voldoen aan de betreffende criteria zoals opgenomen in deze regeling.

Het opstellen van een eigen eisenpakket of PvE is de verantwoordelijkheid van de betreffende eisende partij. Het projecteren tot en met onderhouden van de brandmeldcentrale moet door of onder verantwoordelijkheid van het NCP erkend Branddetectiebedrijf worden uitgevoerd. Als een activiteit onder de verantwoordelijkheid van het NCP erkend Branddetectiebedrijf door een derde partij (bijvoorbeeld: ontwerpbureau, installatiebedrijf en/of onderhoudsbedrijf) wordt uitgevoerd, dan moet deze derdepartij volledig voldoen aan de criteria van de betreffende activiteit.

1.2.2 Risicoanalyse

Voorafgaand aan het opstellen van een Programma van Eisen is vaak een risicoanalyse uitgevoerd om tot een keuze te komen voor de benodigde brandpreventiemaatregelen. Deze risicoanalyse en de motivatie om te komen tot een brandmeldcentrale vallen buiten het kader van de Regeling Brandmeldinstallaties. HetProgramma van Eisen moet in het kader van de Regeling Brandmeldinstallaties worden gezien als uitwerking van een deel van de Risicoanalyse.

1.2.3 Eisen opstellen en Programma van Eisen

De criteria voor het opstellen van de eisen zijn opgenomen in artikel 3.2. Het Programma van Eisen is het eerste onderdeel in het totstandkomingsproces na risicoanalyse. Zonder Programma van Eisen is het niet mogelijk om het certificeringtraject in te gaan. Hierin moeten - zoals de naam al aangeeft - slechts de eisen worden geformuleerd en niet de mogelijke oplossingen. De uitgangspunten voor de eisen zijn:

Het is de verantwoordelijkheid van de eisende partij (principaal/gebruiker/eigenaar/verzekeraar) of diens zaakwaarnemer dat een Programma van Eisen wordt opgesteld.

Bij integratie van meerdere eisenpakketten moet gebruik worden gemaakt van een NCP erkende PvE-opsteller. Alle partijen moeten het Programma van Eisen accorderen, zodat het als uitgangspunt dient voor de certificatie van de brandmeldcentrale. Deze laatste zin is niet van toepassing als er één eisende partij is.

1.2.4 Projecteren en Projectie (Ontwerp)

Het NCP erkend Branddetectiebedrijf is verantwoordelijk voor de Projectie. “De Projectie” geeft aan; de toe te passen gecertificeerde producten en de wijze van installeren.

 


Brandmeldcentrale FC-10

Brandadvies voert als brandmeldcentrale de FC-10 serie van Siemens. Deze centrales zijn uiterst betrouwbaar en onderhoudsvriendelijk.

De FC 10 Brandmeld-centrale is geschikt om tot twaalf conventionele groepen aan te sluiten. Maximaal 32 melders per groep.

De centrale is voorzien van twee bewaakte alarmgeveruitgangen.
De programmering is eenvoudig te realiseren en te controleren middels de toetsen en de led's op de centrale. Programmering via een pc/laptop is niet mogelijk.

Volgens de NEN 2535, voldoet aan alle wettelijke eisen. Ook bieden wij u de mogelijkheid om een brandmeldinstallatie te huren of te kopen.
Uw sprinklerinstallatie van Brandadvies voldoet altijd aan alle gestelde eisen. Wij zijn vastbesloten u de beste aanbieding te doen.
Conform de NEN 2575, voldoet aan alle wettelijke eisen. Kopen of huren!
Vakkundig berekenen we uw vuurlast voor uw beheersbaarheid van brand. Uiteraard ontvangt u van ons een rapportage met een advies.
Vanaf slechts € 200,- stellen wij deze voor u op. Hiermee zijn we de goedkoopste van Nederland
Onze brandwachten zijn uitstekend getraind en zeer ervaren. Meestal zitten ze bij de brandweer.
Sproeischuimblussers, Poederblussers, Slanghaspels en nog veel meer.
Wij regelen de aanvraag van uw gebruiksvergunning. U heeft er geen omkijken naar.
Snel een goed inzicht in de risico's welke u loopt bij brand? Na de Quick Scan krijgt u van ons een heldere kijk op uw brandveiligheid.
Wij leveren en onderhouden droge blusleidingen conform de NEN 1594. Van opdracht tot installatie verzorgen we het hele traject.
Amsterdam, Utrecht, Rotterdam, Den Haag, Den Bosch, Breda, Tilburg, Arnhem, Groningen, Zwolle
Naam:
Telefoonnr:
Tel. 0321 - 848701
Maak een afspraak
RH brandbeveiliging
Siemens